Directeur-aandeelhouder persoonlijk aansprakelijk voor boedeltekort na overdracht aan malafide opvolger

Het kan iedere bestuurder van een BV overkomen: de noodzaak om het roer snel uit handen te geven. Bijvoorbeeld door ziekte of financiële zorgen. Volgens het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (2 januari 2018; ECLI:NL:GHARL:2018:50) moet je dan heel goed oppassen met wie je in zee gaat!

Wat was er aan de hand? Directeur-aandeelhouder X van een technisch installatiebedrijf zag zich genoodzaakt een andere directeur (Y) te benoemen en zelf terug te treden. Hij droeg de op orde zijnde administratie over en vertrok. Y bleek echter malavide. Hij maakte activa zoek, liet op kosten van de BV goederen bij zich thuis bezorgen en rommelde met de administratie. Binnen een paar maanden volgde een faillissement. De curator stelde X persoonlijk aansprakelijk voor het faillissementstekort. De rechtbank en het Hof waren het met de curator eens. X had gedegen onderzoek moeten verrichten naar Y.  De rechtbank oordeelde dat het tot de taak van een behoorlijk bestuurder behoort om, in het geval waarin de bestuurder zich niet meer in staat acht zelf leiding te geven aan de onderneming, tenminste enig onderzoek te doen naar de hoedanigheden, zakelijke achtergrond, financiële gegoedheid en persoonlijke integriteit van de (rechts-)personen aan wie hij het bestuur beoogt over te dragen. Door dit niet voldoende serieus te doen, heeft X zijn taak als bestuurder onbehoorlijk vervuld, hetgeen een belangrijke oorzaak is van het faillissement. X draaide aldus op voor het hele boedeltekort, ook al had hij de boel keurig aan Y overgedragen. Het Hof liet deze uitspraak in stand.

De moraal van dit verhaal:
Doe als bestuurder van een BV zorgvuldig onderzoek naar je opvolger. Anders kan het je duur komen te staan!

]

2018-03-09T06:31:03+00:00